Deurtje dicht, deurtje open

Schrijver Stephen King kreeg zijn eerste betaalde baantje als sportverslaggever bij een weekkrant in Lisbon, Ohio. Daar leerde hij zijn belangrijkste schrijfles van zijn chef, Mr. Gould.
Toen King zijn eerste stukken had ingeleverd, op papier getypt natuurlijk, het was ergens in de jaren zestig, bewerkte Gould veel van Kings zinnen. Vele konden compacter, overbodige informatie kon er wel uit, de ene zin kon beter verbonden worden met een andere.
‘Ik heb alleen de slechte stukken eruit gehaald’, zei Gould nadien, ‘het meeste was best goed.’

En toen gaf Gould een lesje dat veel schrijvers in hun oren hebben geknoopt.  In mijn vertaling: Als je een verhaal (artikel, essay, boek) schrijft, schrijf je het eerst voor jezelf. Als je het herschrijft, dan haal je alle dingen eruit die niet bij het verhaal horen.

Stephen King herformuleert Goulds les tot: Schrijf met de deur dicht, herschrijf met de deur open.

Schrijf eerst met de deur dicht. Experimenteer, durf te falen, blijf niet hangen in bijvijlen maar werk door totdat je weet: dit is het verhaal van kop tot staart, dit is wat ik wil vertellen.

Daarna gaat de deur open en mag de lezer binnenkomen. Je kunt het laten lezen, en openstaan voor kritiek, en je gaat zelf herschrijven totdat elk woord een bijdrage is aan de best mogelijke versie van je verhaal.

Daarna is je verhaal van de wereld. En niet meer van jou.